Chantal Kradolfer

In onze zoektocht naar rolmodellen voor een grotere diversiteit bij Raden van Toezicht en binnen besturen, zijn wij op zoek gegaan in ons eigen netwerk. Een van de vrouwen die door ons als rolmodel wordt gezien, is Chantal Kradolfer. Chantal is 37 jaar en woont met haar vriend en hond in Spijkenisse. Chantal is sinds november 2021 directeur-bestuurder van Theater Het Kruispunt.

“Ik maak graag kiertjes in muren om samen verder te komen, samen naar buiten te kijken en samen mooie dingen te maken.”

Wie is Chantal?

“Ja, wie is Chantal? Mijn achternaam is afkomstig uit een klein Zwitsers bergdorpje, maar mijn familieroots liggen ‘gewoon’ in Rotterdam. Ik woon met mijn vriend en een klein Frans buldogje in Spijkenisse. Ik hou ervan om theaters, festivals en ook musea te bezoeken. En in coronatijd hebben wij een caravan gekocht, die ben ik op gaan knappen. Ik hou nogal van kamperen. Sinds november 2021 ben ik directeur/bestuurder van Theater Het Kruispunt. Een bijzonder moment om aan te treden, zo in Coronatijd.” 

Hoe ben je zo op deze functie terecht gekomen?

“Op 17-jarige leeftijd, te jong eigenlijk, ben ik Cultuurwetenschappen gaan studeren. Tijdens het afstuderen ben ik begonnen met werken bij St. Kunst en Cultuur in Brielle. Ik werkte er als assistent van de toenmalig programmeur met de bedoeling haar op te volgen. De coördinator van het theater viel door privéomstandigheden uit en toen ben ik op de trein gestapt. Blijkbaar pakte ik mijn werk goed op want in september 2017 ben ik benoemd tot directeur van het theater van Brielle. Wel moest ik nog een assessment ondergaan om te bewijzen dat ik geschikt was. Dat vond heel leuk om te doen en ik dacht wel: ‘Ik zal laten zien dat ik geschikt ben!’ In BREStheater in Brielle heb ik toen echt mijn hart verloren aan het theater.”

Even terug, 17 jaar en kiezen voor Cultuur Wetenschappen. Hoe kwam dat zo?

“Een goede docent die wees me daarop! Ik had altijd al interesse in de ‘schone’ dingen. Als we met de klas naar een museum gingen, bijvoorbeeld het Kröller-Müller Museum, waren de andere leerlingen buiten en was ik binnen bij de exposities te vinden. Dat had mijn interesse. Ik was ook de eerste in de familie die ging studeren en dus zelfs Cultuurwetenschappen. En die 17 jaar? Ik was een vroege leerling.” 

Je eerste bestuurlijke functie in Brielle, vertel daar eens wat meer over?

“Het was in 2012, een bijzonder jaar om te beginnen zo midden in de Kredietcrisis. 

Ik sprong als adviseur in op plekken waar het nodig was. Ik was ambitieus en wilde nieuwe dingen leren. Heerlijk! Het theater kende ik van haver tot gort. Ik was 32 jaar toen ik er directeur werd. Het ging en gaat mij niet om de titel, maar de uitdaging om met het team een prachtig theater neer te zetten.

Toen ik begon als directeur in Brielle ben ik ook gestart met de opleiding LinC. Dat was echt een top periode. Tijdens mijn studie Cultuurwetenschappen was ik zo jong! Je hebt geen idee waar je mee bezig bent. LinC staat voor Leiderschap in Cultuur (https://leiderschapincultuur.nl/). Deze opleiding werd verzorgd door de Universiteit Utrecht in samenwerking met Antwerp Management School & Kennisland met studenten uit Nederland en Vlaanderen. Ik nam deel aan de eerste lichting. Ik heb mij aangemeld om mezelf uit te dagen en te leren wat het betekent om een leider te zijn. 

De insteek was ook om een netwerk op te bouwen. Er waren deelnemers uit verschillende gebieden binnen de culturele sector. Zo leer je een casus vanuit verschillende perspectieven te benaderen en sector breed te kijken. Daarnaast leer je intern naar jezelf te kijken.” 

En, wat betekent het om leider te zijn?

“Voor mijn deelname aan LinC dacht ik: een leider slaat met zijn vuist op tafel.

Tijdens de LinC periode leerde ik wat onderzoekend leiderschap betekent en dat past veel meer bij mij. Je bekijkt de situatie van bovenaf en zoekt naar een koers om iedereen mee te nemen, i.p.v. de meeste stemmen tellen. 

Bij LinC heb ik geleerd: er is geen betonnen plafond, je moet ook zelf aan de slag. 

Alles wat je aandacht geeft groeit, daarin kun je mensen meenemen: stel je daarvoor open. Jullie kennen vast de afbeelding met de vraag: waar loopt de wolf in de roedel? Een eerste reactie is: voor de roedel! Het juiste antwoord zou zijn: nee, achteraan de roedel, om te zien dat er niemand uitvalt. Tijdens mijn opleiding van LinC vertelde een medestudent: ‘dat is niet zo. Een leider loopt daar waar hij het meest nodig is!’ 

Leuk te vertellen dat ik met de medestudenten van LinC een Wolven-appgroepje heb.”

Over rolmodellen gesproken, wie is jouw rolmodel?

“Ik laat mij graag inspireren door mijn netwerk en heb niet specifiek één rolmodel. In de culturele sector zie je regelmatig bestuurders die lang blijven zitten en zo autoriteit opbouwen. Eerlijk gezegd denk ik dat juist dat niet meer is wat de sector op dit moment nodig heeft.”

Wat heb je nodig om een goede directeur te zijn?

“Een team! Zonder mensen krijg je het niet voor elkaar. En ja, ik heb een goed team. Aan mij de uitdaging hen te stimuleren en te motiveren. ”

En lukte dat tijdens Corona?

“In onze sector was Corona overal. Bij de medewerkers thuis en op het werk. We stonden continu aan, regels veranderden per dag, afstand was de regel en voor wie dit nodig was voor het mentale welzijn toch af en toe op de werkplek laten komen. Mijn uitdaging als bestuurder was en is het team gemotiveerd te houden. Ik was net 1,5 maand in dienst toen we weer dichtgingen voor het publiek. 

Zowel het theater in Brielle als Theater het Kruispunt zijn gevestigd in een multifunctioneel gebouw. Tijdens Corona zag je dat iedere organisatie weer terug gaat naar de eigen organisatie, ook gevoed door de verschillende maatregelen die voor iedere organisatie zelf van toepassing waren. In de bibliotheek droegen bezoekers een mondkapje, in het theater en in de horeca liet je je QR Code zien. Nu de maatregelen verdwenen zijn, zullen we weer tijd moeten investeren om de weg naar elkaar terug te vinden. 

Door Corona zijn wel de aanbieders en de theaters dichter bij elkaar gekomen. We gingen met elkaar in gesprek hoe om te gaan met de maatregelen en om nieuwe verdienmodellen te onderzoeken.”

Wat neem je mee, na Corona?

“We zijn opgeschud en draaien nergens onze hand meer voor om. We zijn flexibel, kunnen snel ombuigen. Omdenken, wat kan wel? Dat hebben we geleerd!

Theaters zijn financieel mede door de overheidssteun goed overeind gebleven.”

Hoe kijk je naar de toekomst voor het theater?

“Afgelopen jaar was rommelig. Dat hebben we achter de rug. Nu is het spannend of het publiek weer volledig terugkomt. En wat de (financiële) effecten van de nasleep en de stijgende kosten gaan zijn. De eerste vraag die een bezoeker stelt is: ‘Wat kost een kaartje?’ Het risico ligt er dat aanbieders hun producties niet rond krijgen qua financiën en planning door het inhalen en het op voorhand kiezen voor veilige programmering. Theaters nemen minder risico, kiezen voor succesvolle programmering voor het grote publiek waardoor nieuwe artiesten minder podium krijgen. Nieuwe makers krijgen zo minder kansen. Wij hebben een eenjarige cyclus: dat helpt ook niet mee. Experimenten hebben namelijk meer tijd nodig. Wij mogen weer open en dat is een feestje. We willen met elkaar verder denken dan de focus op het sec in stand houden van de organisatie.  

Wij geven binnen de sector culturele waarde dat is niet altijd in economische waarde uit te drukken. Dat is op dit moment extra belangrijk zo net na Corona, de inflatie, een mogelijk aantredende recessie en de oorlog in Oekraïne. Kunst is waardevol, geeft nieuwe inzichten. En de kunsten dragen zeker in deze tijd, bij aan een vreedzame wereld. Het is dubbel: van ons wordt verwacht sociale impact te maken, terwijl we financieel worden afgerekend op volle zalen.” 

Mijn droomscenario is bijna vanzelfsprekend volle zalen, lokale jonge makers een kans geven waarbij het lokale publiek meedoet: echt het podium zijn van de stad!”

Wat was de rol van jouw Raad van Toezicht in deze periode?

“Hun rol heb ik als heel prettig ervaren. Zij waren heel open, natuurlijk op afstand maar altijd beschikbaar voor vragen.” 

Wat is volgens jou het verschil tussen het werken met een bestuur en een RvT?

“In Brielle was er een meewerkend bestuur. Bij een relatief kleine organisatie is het meewerken erg belangrijk om de organisatie draaiende te houden. Het bestuur stelt het beleid vast waarbij de directeur input geeft. Bij een bestuur zijn zij verantwoordelijk en aansprakelijk. Het kostte mij in deze situatie regelmatig veel overtuigingskracht om bestuursleden te overtuigen van een ander blikveld. Van belang is dan om de stip op de horizon voor je te houden, volhouden en dan kom je er wel. De implementatie van de Governance Code Cultuur is in Brielle uiteraard op de agenda gezet. In Theater het Kruispunt is er een echte Raad van Toezicht en ik ben directeur/bestuurder. Dat werkt voor mij heel prettig. Je krijgt advies en doet ermee wat je wilt. Die adviesrol ervaar ik als zeer prettig maar het is een advies. Toezichthouders staan op afstand en het mag schuren bij bespreking van de thema’s. Wat ik minder prettig vind is een bestuur dat zich zou bemoeien met dagelijkse gang van zaken. Je krijgt dan micromanagement, maar dat is gelukkig niet aan de orde!”

Vervul je nog andere bestuurlijke of toezichthoudende functies?

“Nee, op dit moment nog niet. Wel word ik regelmatig gepolst of ik interesse heb. Mijn focus ligt nu eerst op Het Kruispunt. Mijn interesse gaat wel uit naar een toezichthoudende functie in dezelfde sector. 

En ik vind het erg leuk om jonge makers te helpen op hun weg naar professionaliteit. Daar zet ik me al voor in, maar niet in een specifieke functie. Leuke crossovers geven mij veel energie!”

Op welke manier wordt de Governance Code Cultuur toegepast?

“Tijdens vergaderingen en andere besprekingen verwijzen wij ernaar. Dat gaat goed. We hanteren een rooster van aftreden met maximale zittingsduur en de RvT voert jaarlijks een zelfevaluatie uit. Op dit moment is er een vacature voor een nieuwe voorzitter. Die wordt openbaar gepubliceerd.” 

Hoe staat het met de diversiteit van de RvT?

“De man-vrouw verhouding is goed: 50/50 en we hebben jonge leden. Binnen de RvT is er sprake van gelijkwaardigheid. De multi-culturaliteit mag nog wel verbeteren. Het publiek van ons theater is veelal wit. In die zin zijn wij een afspiegeling van de doelgroep. 

De Code Diversiteit & Inclusie heeft nog onvoldoende op de agenda gestaan. Dit zal ik zeker agenderen. Hoe dichter je bij je doelgroep staat, hoe beter! Het is mijn taak om een brede doelgroep naar ons theater te halen.’ 

Als wij vragen aan een medewerker van het theater, hoe is Chantal als bestuurder?

“Ik hoop dat mijn team zegt: Chantal is een verbinder. Dat zij zich vrij voelen met nieuwe ideeën te komen: dat ik kiertjes in muren maak om samen verder te komen, samen naar buiten te kijken en samen mooie dingen te maken.”

Hoe kijk jij aan tegen de salariëring in de Culturele sector?

“ ‘Mensen weten wat ze doen; vaak weten ze waarom ze doen wat ze doen; maar wat ze niet weten is, wat ze doen doet.’ (uitspraak Foucault). De grote fair practice vraag binnen onze sector is: hoe kun je passie empoweren? Hoe zorgen we voor bewustwording bij alle actoren binnen onze sector dat de makers, die het liefst maken, correct betaald worden? Dit is een complex vraagstuk, waarvan ik hoop dat de energie die we hierin voor de coronacrisis gestoken hebben niet verloren gaat. En dat de invoering van de fair practice code niet ten koste gaat van de makers kant. 

Onze Rvt krijgt een kleine vrijwilligers-, onkostenvergoeding om de gemaakte kosten die zij maken om hun functie uit te voeren te dekken.” 

Je bent op jonge leeftijd bestuurder geworden. Hoe reageerde men daarop?

“Daar heb ik niet zo bij stil gestaan. Wel voelde ik mij jong toen ik aan mijn studie begon. 
Mijn omgeving is trots op mij en dat heeft niet met leeftijd te maken. 

Belangrijk vind ik dat ik blijf werken aan mijn eigen ontwikkeling. Stel mezelf de vraag: waarin kan je jezelf verder ontwikkelen, de organisatie en de omgeving?”

Heb je nog een boodschap die je aan jonge bestuurders en vrouwen wil meegeven?

“Deze vraag kun je ook aan mij stellen. Een nieuwe baan kost tijd. Als je jong bent wil je jezelf ontwikkelen en je werk goed doen. Over 20 jaar blijf je jezelf ook nog wel ontwikkelen maar gaat het je waarschijnlijk allemaal wat makkelijker af door ervaring. 
Mijn advies? Probeer het. Meld je aan. Nee heb je, ja kun je krijgen. Jij kunt iets toevoegen en bijdragen aan de toekomst!” 


Written By Astrid van der Starre

De Financiële vrouw van de Culturele Sector Specialist in Control en Kwaliteit, en met een passie voor Besturen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.